Er zijn maar weinig Italiaanse desserts die zo iconisch zijn als cannoli. Zodra je een hap neemt van het krokante deeg en de zachte, romige vulling proeft, begrijp je meteen waarom deze klassieker al generaties lang geliefd is. Cannoli lijken misschien ingewikkeld om zelf te maken, maar met een goed recept en duidelijke stappen kun je thuis een resultaat bereiken dat bijna niet onderdoet voor dat van een Siciliaanse pasticceria.

Zelf cannoli maken heeft bovendien iets bijzonders. Je bepaalt zelf hoe zoet de vulling wordt, welke smaken je toevoegt en hoe je ze presenteert. Of je ze nu serveert bij een espresso na het eten of als luxe traktatie in het weekend: met dit recept voor ongeveer twintig cannoli zet je gegarandeerd iets indrukwekkends op tafel.
Wat zijn cannoli eigenlijk?
Cannoli komen oorspronkelijk uit Sicilië en bestaan uit knapperige, gefrituurde deegrolletjes die gevuld worden met een romige crème. Traditioneel wordt vaak ricotta gebruikt, maar een zachte banketbakkerscrème of romige vanillevulling is minstens zo populair. Het contrast tussen krokant en romig maakt dit dessert zo onweerstaanbaar.
Het geheim van goede cannoli zit in balans: het deeg moet stevig en knapperig zijn, terwijl de vulling luchtig en vol van smaak blijft. Door de rolletjes pas vlak voor het serveren te vullen, blijven ze perfect krokant.
Ingrediënten voor ongeveer 20 cannoli met crèmevulling
Voor de cannoli-schelpen
• 250 gram bloem
• 30 gram suiker
• 30 gram boter (koud, in blokjes)
• 1 ei
• 60 ml marsala of witte wijn
• Snufje zout
• Olie om te frituren
Voor de romige crèmevulling
• 1 liter volle melk
• 6 eidooiers
• 180 gram kristalsuiker
• 80 gram maïzena of bloem
• 2 theelepels vanille-extract
• 250 ml slagroom (ongeklopt)
Voor de afwerking
• Poedersuiker
• Gehakte pistachenoten of chocolade (optioneel)
• Sinaasappelrasp of citroenrasp (optioneel)
Met deze hoeveelheden maak je ongeveer twintig middelgrote cannoli, afhankelijk van hoe groot je de rolletjes vormt.

Het deeg bereiden
Begin met het mengen van bloem, suiker en een snufje zout in een kom. Voeg de koude boter toe en wrijf deze met je vingers door de bloem tot een kruimelig mengsel ontstaat. Meng daarna het ei en de marsala erdoor tot een soepel deeg.
Kneed het deeg kort tot het samenkomt en wikkel het in folie. Laat het minimaal een uur rusten in de koelkast. Deze rusttijd zorgt ervoor dat het deeg makkelijker uit te rollen is en tijdens het frituren mooi krokant wordt.
De cannoli-schelpen maken
Rol het deeg dun uit op een licht bebloemd werkblad. Steek rondjes uit van ongeveer 10 centimeter doorsnee en rol ze om metalen cannoli-vormpjes. Druk de randjes goed aan zodat ze niet loslaten tijdens het frituren.
Verhit olie tot ongeveer 175 graden en frituur de rolletjes in kleine porties goudbruin. Dit duurt meestal twee tot drie minuten. Laat ze uitlekken op keukenpapier en verwijder voorzichtig de vormpjes zodra ze iets zijn afgekoeld. De schelpen moeten volledig koud zijn voordat je ze vult.
De romige crèmevulling maken
Verwarm de melk in een pan tot net onder het kookpunt. Klop ondertussen de eidooiers met suiker en maïzena tot een licht en glad mengsel. Voeg langzaam een beetje warme melk toe terwijl je blijft roeren, zodat het ei niet stolt.
Giet alles terug in de pan en verwarm het al roerend tot een dikke crème ontstaat. Haal van het vuur, voeg vanille toe en laat de crème volledig afkoelen. Klop de slagroom licht lobbig en spatel deze voorzichtig door de afgekoelde crème. Zo krijg je een luchtige, zachte vulling die perfect past bij de knapperige cannoli.
Het vullen van de cannoli
Gebruik een spuitzak om de crème in de schelpen te spuiten. Vul ze van beide kanten voor een mooi egaal resultaat. Bestrooi daarna met poedersuiker en eventueel wat pistachenoten of chocoladestukjes.
Tip: vul de cannoli pas vlak voor het serveren. Als je ze te vroeg vult, kan het deeg zacht worden door het vocht uit de crème.

Variaties op de crèmevulling
Hoewel een klassieke vanillecrème heerlijk is, kun je eindeloos variëren:
Voeg citroenrasp toe voor een frisse smaak.
Meng cacao door de crème voor een chocoladeversie.
Roer een beetje espresso door de vulling voor een koffietwist.
Meng mascarpone door de crème voor extra romigheid.
Door verschillende smaken te maken, kun je een hele schaal cannoli serveren met variatie, wat ideaal is voor feestjes.
Wat serveer je bij cannoli?
Cannoli zijn vrij rijk van smaak, dus een frisse of intense begeleider maakt het geheel perfect.
Espresso of cappuccino
Een sterke espresso benadrukt de zoetheid van de crème en geeft een echte Italiaanse sfeer. Voor een zachtere combinatie werkt cappuccino ook uitstekend.
Verse besjes
Frambozen, blauwe bessen of aardbeien zorgen voor een frisse tegenhanger en maken het dessert lichter.
Dessertwijn of prosecco
Een licht mousserende wijn past verrassend goed bij de romige vulling en maakt het geheel feestelijk.
Vanille-ijs
Voor een luxe dessert kun je één cannoli combineren met een bolletje vanille-ijs en wat sinaasappelrasp.
Handige tips voor perfecte cannoli
Werk altijd met goed gekoeld deeg; zo blijven de schelpen mooi in vorm tijdens het frituren. Zorg ook dat de olie op temperatuur blijft, anders worden de rolletjes vet in plaats van knapperig.
Gebruik bij voorkeur volle melk en echte vanille voor de crème. Dat geeft een diepere smaak en een zachtere structuur. En misschien wel de belangrijkste tip: maak er een gezellig moment van. Cannoli bakken is geen haastklus, maar juist een leuke activiteit om samen te doen.
Een Italiaanse klassieker om thuis van te genieten
Zelf cannoli maken lijkt misschien een uitdaging, maar met dit recept voor ongeveer twintig stuks kun je eenvoudig een indrukwekkend dessert bereiden. Het krokante deeg, de zachte crème en de eindeloze variatiemogelijkheden maken dit gerecht tot een echte publieksfavoriet.
Of je ze nu serveert bij een kop sterke espresso, samen met verse besjes of als afsluiter van een uitgebreid diner – cannoli brengen altijd een stukje Italiaanse charme naar je tafel. En zodra je gasten de eerste hap nemen, weet je dat al het werk meer dan de moeite waard was.










