Een bos rozen op tafel staat voor luxe, romantiek en gezelligheid. Of het nu gaat om een verjaardag, een jubileum of gewoon omdat ze mooi zijn: snijbloemen horen bij het dagelijks leven. Toch blijkt achter die kleurrijke bloemblaadjes een minder vrolijke realiteit schuil te gaan. Recent onderzoek van de Nederlandse Voedsel- en Warenautoriteit (NVWA) laat zien dat geïmporteerde rozen verrassend veel resten van bestrijdingsmiddelen kunnen bevatten. In totaal werden maar liefst 103 verschillende stoffen aangetroffen. Dat roept vragen op over veiligheid, gezondheid en duurzaamheid.

Waarom juist rozen zijn onderzocht
Rozen zijn veruit de populairste snijbloemen in Nederland. Dagelijks komen er enorme hoeveelheden het land binnen, niet alleen uit Europa maar ook uit landen als Kenia, Ethiopië en Colombia. In deze landen gelden andere regels voor het gebruik van bestrijdingsmiddelen dan binnen de Europese Unie. Sommige middelen die daar zijn toegestaan, zijn hier zelfs verboden.
Om een beter beeld te krijgen van mogelijke risico’s besloot de NVWA een grootschalige steekproef te doen. In totaal werden 177 monsters geïmporteerde rozen geanalyseerd in gespecialiseerde laboratoria. Het RIVM gebruikte deze resultaten vervolgens om een eerste, verkennende inschatting te maken van de gezondheidsrisico’s voor verschillende groepen.
Wat is er precies gevonden?
Uit het onderzoek bleek dat op de onderzochte rozen resten van 103 verschillende bestrijdingsmiddelen aanwezig waren. Het gaat hierbij om zogenoemde residuen: kleine hoeveelheden stoffen die achterblijven na gebruik tijdens de teelt. Voor veel van deze stoffen bestaan gezondheidskundige grenswaarden. Dat zijn niveaus waarvan men verwacht dat ze geen schadelijke effecten hebben bij blootstelling onder die grens.
Toch is het grote aantal verschillende stoffen opvallend. Vooral omdat het niet om één middel gaat, maar om een cocktail van stoffen die samen voorkomen. Over de gecombineerde effecten daarvan is nog relatief weinig bekend, zeker bij langdurige blootstelling.
Wie loopt het meeste risico?
Volgens de eerste inschatting van het RIVM lopen vooral mensen die beroepsmatig met snijbloemen werken een verhoogd risico. Denk hierbij aan bloemisten, medewerkers van bloemenveilingen, importeurs en groothandels. Zij komen dagelijks en vaak langdurig in contact met grote hoeveelheden bloemen.
Zelfs wanneer deze werknemers beschermende kleding dragen, zoals handschoenen en bedekkende kleding, kan bij een klein deel van de aangetroffen stoffen de blootstelling boven de veilige grens uitkomen. Zonder bescherming neemt dat risico aanzienlijk toe. Voor inspecteurs en controleurs ligt het risico lager, omdat zij minder intensief contact hebben met de bloemen.
En hoe zit het met consumenten?
Voor consumenten die af en toe een bos rozen in huis halen, is het risico volgens het RIVM een stuk kleiner. De blootstelling is kortdurend en beperkt, waardoor de kans op directe gezondheidsproblemen laag wordt ingeschat. Toch kan het risico niet volledig worden uitgesloten, vooral bij onzorgvuldig gebruik.
Het RIVM en de NVWA benadrukken daarom enkele eenvoudige voorzorgsmaatregelen. Was bijvoorbeeld altijd je handen na het schikken van bloemen, laat kinderen niet met bloemstelen spelen en voorkom dat huisdieren eraan knabbelen. Zo beperk je onnodige blootstelling aan mogelijke gezondheidsrisico’s.

Waarom je geen rozenblaadjes moet eten
Een belangrijke waarschuwing geldt voor het consumeren van rozenblaadjes. Hoewel eetbare bloemen steeds populairder worden, zijn de meeste snijrozen hier niet voor bedoeld. Ze zijn niet geteeld volgens de normen voor voedselveiligheid en kunnen resten van bestrijdingsmiddelen bevatten die schadelijk zijn bij inname. Vooral voor jonge kinderen kan dit risico’s opleveren.
Alleen rozen die expliciet zijn geteeld voor consumptie en als zodanig worden verkocht, zijn veilig om te eten.
Mogelijke gezondheidseffecten
Bestrijdingsmiddelen worden gebruikt om bloemen te beschermen tegen schimmels, insecten en ziekten. Maar dezelfde stoffen kunnen ook effect hebben op mensen. Afhankelijk van de soort stof en de mate van blootstelling kunnen mogelijke effecten variëren van milde klachten tot ernstigere gevolgen.
Denk hierbij aan huidirritatie, allergische reacties, verstoring van het immuunsysteem of effecten op het zenuwstelsel. Over de gevolgen van langdurige, lage blootstelling via snijbloemen is nog veel onbekend. Juist daarom pleiten experts voor voorzichtigheid en verder onderzoek.
Ook het milieu betaalt de prijs
De risico’s beperken zich niet tot de mens. Ook het milieu kan worden belast door resten van bestrijdingsmiddelen op snijbloemen. Wanneer bloemen bij het gft-afval of op de composthoop belanden, kunnen deze stoffen in de bodem terechtkomen.
Dit kan schadelijk zijn voor bodemorganismen, bijen en andere insecten. Daarnaast bestaat het risico dat schimmels resistent worden tegen bepaalde middelen, waardoor ze in de toekomst moeilijker te bestrijden zijn. De NVWA adviseert daarom om snijbloemen bij het restafval te gooien en niet bij het gft.
Oproep tot strengere regels
Het Bureau Risicobeoordeling & onderzoek (BuRO) binnen de NVWA pleit voor strengere regulering van residuen op snijbloemen van buiten de EU. Zolang die regelgeving niet is aangescherpt, ligt er volgens de NVWA een verantwoordelijkheid bij alle partijen in de keten.
Dat betekent betere bescherming voor werknemers, minder handmatig contact door automatisering en duidelijke voorlichting aan consumenten. Ook wordt vervolgonderzoek aangekondigd, niet alleen naar rozen, maar ook naar andere geïmporteerde snijbloemen.
Tijd voor een duurzamere bloemenketen?
De bevindingen roepen bredere vragen op over de internationale bloemenhandel. Nederland staat bekend als bloemenland, maar importeert tegelijkertijd enorme hoeveelheden bloemen van ver buiten Europa. Dat brengt niet alleen mogelijke gezondheidsrisico’s met zich mee, maar ook een flinke klimaatbelasting door transport en koeling.

Steeds meer consumenten kiezen daarom bewust voor duurzame bloemen: lokaal geteeld, seizoensgebonden en met minder chemische middelen. Door vaker voor deze alternatieven te kiezen, kan de vraag naar intensief bespoten importbloemen afnemen.
Wat kun je zelf doen?
Als consument hoef je rozen niet te mijden, maar bewust omgaan met snijbloemen is verstandig. Was je handen, houd bloemen uit de buurt van kinderen en huisdieren, eet geen bloemblaadjes en gooi ze bij het juiste afval. Wie een stap verder wil gaan, kan kiezen voor duurzame bloemen of bloemen met een milieukeurmerk.
Een bos bloemen mag dan onschuldig lijken, maar achter de schermen schuilt een complexe wereld van teelt, handel en risico’s. Door beter geïnformeerd te zijn, kun je bewustere keuzes maken — voor jezelf, voor anderen en voor het milieu.










