Als trotse hondenbezitter weet je als geen ander hoe belangrijk de dagelijkse wandeling is voor je viervoeter. Het is hét moment van de dag waarop je hond zijn energie kwijt kan, geurtjes kan ontdekken en mentaal wordt geprikkeld. Toch sta je er misschien niet altijd bij stil dat wandelen in de kou ook risico’s met zich meebrengt. Net als mensen kunnen honden last krijgen van lage temperaturen. Maar wanneer is het eigenlijk écht te koud om veilig met je hond naar buiten te gaan? En waar moet je als baasje op letten om problemen te voorkomen?
Veel mensen denken dat honden van nature goed tegen kou kunnen, omdat ze een vacht hebben. Dat klopt deels, maar het is zeker geen garantie dat elke hond probleemloos winterse temperaturen trotseert. Kou kan bij honden leiden tot onderkoeling, bevriezing van lichaamsdelen en verergering van bestaande gezondheidsklachten. Vooral langdurige blootstelling aan lage temperaturen vormt een risico, zeker als het waait, nat is of als de hond weinig in beweging blijft.
Het lichaam van een hond probeert, net als dat van een mens, zijn temperatuur constant te houden. Bij koude omstandigheden kost dit extra energie. Lukt dat niet meer goed, dan koelt het lichaam af en kunnen klachten ontstaan. Dat gebeurt vaak sluipenderwijs dan je denkt.
Kou en honden: een onderschat risico
De gevoeligheid voor kou verschilt sterk per hond. Factoren zoals ras, grootte, leeftijd, vacht, lichaamsvet en gezondheid spelen allemaal een rol. Kleine honden verliezen sneller warmte dan grote honden, simpelweg omdat ze een groter huidoppervlak hebben in verhouding tot hun lichaamsmassa. Honden met een korte of dunne vacht, zoals windhonden, boxers of chihuahua’s, hebben weinig natuurlijke bescherming tegen kou.
Ook leeftijd is belangrijk. Puppies kunnen hun lichaamstemperatuur nog niet goed reguleren en oudere honden hebben vaak een trager metabolisme of last van stijve gewrichten. Daarnaast zijn honden met aandoeningen zoals artritis, hartproblemen of een verminderde weerstand extra kwetsbaar bij koud weer.
Vanaf welke temperatuur wordt het te koud?
Er bestaat geen harde, universele temperatuurgrens die voor alle honden geldt. Toch zijn er wel richtlijnen die je kunt aanhouden. Over het algemeen geldt:
Rond de 7 tot 4°C: voor gevoelige honden (kleine rassen, korte vacht, pups, senioren) kan dit al onaangenaam worden bij langere wandelingen.
Onder de 0°C: voor veel honden wordt dit risicovol, vooral bij wind, sneeuw of natte omstandigheden.
Onder de -5°C: zelfs voor grote, goed behaarde honden kan dit gevaarlijk worden bij langdurige blootstelling.
Let op: gevoelstemperatuur speelt een grote rol. Een gure wind of natte sneeuw kan ervoor zorgen dat het veel kouder aanvoelt dan de thermometer aangeeft.

Signalen dat je hond het te koud heeft
Honden kunnen niet zeggen dat ze het koud hebben, maar ze laten het vaak wel merken. Let goed op de volgende signalen tijdens het wandelen:
Trillen of rillen
Langzamer lopen of juist willen omkeren
Poten optillen of mank lopen
Janken, piepen of onrustig gedrag
Zich klein maken of proberen te schuilen
Koude oren, poten of staart
Zie je één of meerdere van deze tekenen, neem ze dan serieus. Het is beter om een wandeling in te korten dan het risico te lopen op gezondheidsproblemen.
Gevaren voor poten en huid
Niet alleen de lichaamstemperatuur van je hond verdient aandacht. Ook de poten zijn kwetsbaar in de winter. Kou, sneeuw en ijs kunnen scheurtjes veroorzaken in de voetzolen. Daarnaast worden wegen en stoepen vaak gestrooid met zout of andere middelen die de poten kunnen irriteren of zelfs beschadigen. Sommige honden likken daarna hun poten schoon, waardoor ze schadelijke stoffen binnenkrijgen.
Controleer daarom na elke wandeling de poten van je hond. Spoel ze eventueel af met lauw water en droog ze goed. Voor extra bescherming kun je speciale pootbalsem gebruiken of hondenschoentjes overwegen.
Praktische tips voor veilig wandelen in de kou
Je hoeft je hond niet per se binnen te houden zodra de temperatuur daalt, maar aanpassingen zijn wel verstandig. Enkele praktische tips:
Kleed je hond passend aan: een hondenjas of -trui kan veel warmteverlies voorkomen, vooral bij kwetsbare honden.
Houd wandelingen korter maar frequenter: liever meerdere korte rondjes dan één lange tocht.
Blijf in beweging: voorkom lange stilstaande momenten tijdens de wandeling.
Kies het juiste moment: wandel bij voorkeur overdag wanneer het iets warmer is.
Zorg voor een warme thuiskomst: droog je hond goed af en laat hem op een warme plek bijkomen.

Binnen bewegen als alternatief
Is het écht te koud om naar buiten te gaan? Dan kun je de beweging en mentale uitdaging ook deels binnenshuis bieden. Denk aan zoekspelletjes, hersenwerk, apporteren in huis of het aanleren van nieuwe commando’s. Dit helpt om overtollige energie kwijt te raken en verveling te voorkomen.
Jouw verantwoordelijkheid als baasje
Als hondenbezitter draag je de verantwoordelijkheid voor het welzijn van je dier. Dat betekent dat je soms keuzes moet maken die afwijken van je vaste routine. Waar je normaal misschien een lange wandeling maakt, is het op koude dagen beter om je planning aan te passen aan wat je hond aankan.
Door alert te zijn op temperatuur, gedrag en signalen van ongemak, kun je veel problemen voorkomen. Kou is geen reden om helemaal niet meer naar buiten te gaan, maar wel een reden om bewuster en voorzichtiger te zijn.
Elke hond is uniek, en jij kent je eigen hond het beste. Vertrouw daarom niet alleen op algemene richtlijnen, maar vooral op je observatievermogen. Twijfel je of je hond het te koud heeft? Dan is dat vaak al een teken dat het tijd is om naar huis te gaan.
Met de juiste aandacht, voorbereiding en aanpassing kunnen jullie ook in de winter veilig en plezierig blijven wandelen. Zo blijft je hond gezond, gelukkig en beschermd – ongeacht het seizoen. Deel deze informatie gerust met andere hondenliefhebbers, zodat ook zij hun viervoeters goed door de koude maanden helpen.











