
Veel Nederlanders denken namelijk vooral aan hun bankrekening, spaargeld of beleggingen wanneer ze hun aangifte invullen. Maar er is nog een categorie die ook meetelt voor de belasting: contant geld. Biljetten en munten die je thuis bewaart kunnen namelijk onderdeel zijn van je vermogen.
Dat betekent dat je in bepaalde gevallen verplicht bent om dit bedrag op te geven bij je aangifte. Vooral wanneer het om grotere bedragen gaat, kan dat invloed hebben op de belasting die je uiteindelijk moet betalen.
Contant geld telt mee als vermogen
Voor de fiscus maakt het namelijk niet uit of je geld op een bankrekening staat of ergens thuis in een envelop of kluis ligt. Beide worden gezien als onderdeel van je vermogen. Daarom moet contant geld in sommige gevallen worden opgegeven bij de belastingaangifte.
Het gaat hierbij om vermogen dat onder de zogenoemde box 3-regeling valt. In deze categorie worden verschillende vormen van vermogen samengebracht, zoals spaargeld, beleggingen en bijvoorbeeld een tweede woning. Contant geld hoort daar dus ook bij.
Toch hoeft niet iedereen elk muntje of biljet direct te melden bij de aangifte. De belastingregels kennen namelijk een vrijstelling voor kleine bedragen contant geld.
Dit is de grens voor contant geld
Volgens de regels van de Belastingdienst mogen alleenstaanden een klein bedrag contant geld bezitten zonder dat ze dit hoeven op te geven in hun belastingaangifte.
Die grens ligt momenteel op 661 euro. Heb je meer contant geld in huis dan dat bedrag, dan moet je het meerdere opgeven bij de aangifte.
Voor mensen met een fiscaal partner ligt de grens hoger. Samen mogen zij 1.322 euro aan contant geld bezitten zonder dat dit hoeft te worden vermeld.
Zodra het bedrag daarboven uitkomt, moet het verschil worden opgegeven als onderdeel van het vermogen.

De peildatum is belangrijk
Bij de belastingaangifte kijkt de fiscus altijd naar één specifiek moment: 1 januari van het belastingjaar. Dit wordt ook wel de peildatum genoemd.
Voor de aangifte die momenteel wordt gedaan, kijkt de Belastingdienst dus naar hoeveel vermogen je had op 1 januari 2025.
Het maakt daarbij niet uit hoeveel contant geld je in de rest van het jaar hebt gehad. Alleen het bedrag dat je op die datum in bezit had telt mee.
Had je op dat moment meer contant geld in huis dan de vrijstellingsgrens? Dan moet je dat bedrag opgeven bij je aangifte.
Niet automatisch belasting betalen
Veel mensen denken dat ze direct belasting moeten betalen zodra ze contant geld opgeven. Dat is echter niet altijd het geval.
De Belastingdienst kijkt namelijk naar je totale vermogen in box 3. Daar vallen dus ook spaargeld, beleggingen en andere bezittingen onder.
Pas wanneer het totale vermogen boven een bepaalde vrijstellingsgrens uitkomt, moet je daadwerkelijk belasting betalen.
Voor alleenstaanden ligt die grens momenteel op 57.684 euro. Voor fiscale partners is dat bedrag 115.368 euro.
Blijf je onder die grens, dan betaal je geen belasting over je vermogen, ook niet als je contant geld hebt opgegeven.
Waarom mensen contant geld bewaren
Hoewel Nederland steeds digitaler betaalt, kiezen sommige mensen er bewust voor om toch contant geld in huis te houden.
Voor sommigen voelt het simpelweg veiliger om een kleine buffer te hebben voor noodgevallen. Denk bijvoorbeeld aan situaties waarin pinbetalingen tijdelijk niet mogelijk zijn.
Dat kan gebeuren bij een grote stroomstoring of wanneer er een probleem is met het betalingsverkeer.
Volgens De Nederlandsche Bank is het daarom verstandig om een klein bedrag contant geld achter de hand te hebben.
Advies van De Nederlandsche Bank
De Nederlandsche Bank adviseert huishoudens om een bescheiden noodvoorraad contant geld te bewaren.
Als richtlijn wordt vaak 70 euro per volwassene en 30 euro per kind genoemd.
Met zo’n bedrag kun je enkele dagen vooruit wanneer elektronische betalingen tijdelijk niet werken.
Tegelijkertijd blijft het bedrag ruim onder de grens waarvoor je het moet opgeven bij de belastingaangifte.
Voor veel huishoudens vormt dit dus een praktische middenweg.
Risico’s van veel cash in huis
Toch kleven er ook risico’s aan het bewaren van grote bedragen contant geld in huis.
Het grootste gevaar is diefstal. Inbrekers weten dat sommige mensen geld contant bewaren en zoeken daarom vaak op plekken waar geld verstopt kan liggen.
Daarnaast kan ook brand of waterschade ervoor zorgen dat het geld verloren gaat.
In tegenstelling tot geld op een bankrekening is contant geld namelijk niet automatisch verzekerd.

Vergoeding vaak beperkt
Veel mensen denken dat hun verzekering contant geld volledig vergoedt wanneer er iets misgaat. In werkelijkheid ligt dat vaak anders.
Bij veel inboedelverzekeringen is de maximale vergoeding voor contant geld namelijk vrij laag.
Vaak ligt dat bedrag tussen de 250 en 500 euro. Heb je meer cash in huis, dan kan het zijn dat je dat bij schade niet volledig terugkrijgt.
Daarom adviseren financiële experts om geen grote bedragen thuis te bewaren.
Let op bij grote bedragen
Wanneer iemand een opvallend groot bedrag contant geld bezit, kan dat ook vragen oproepen bij de Belastingdienst.
Stel dat iemand met een gemiddeld inkomen ineens duizenden euro’s cash in huis heeft. In zo’n geval kan de fiscus vragen waar dat geld vandaan komt.
Kun je dat duidelijk uitleggen en eventueel aantonen met documenten, dan is er meestal geen probleem.
Maar wanneer er geen duidelijke verklaring is, kan de Belastingdienst nader onderzoek doen.
Banken houden transacties in de gaten
Ook banken spelen een rol bij het controleren van grote geldstromen.
Wanneer iemand regelmatig grote contante bedragen op een bankrekening stort, kan dat worden opgemerkt.
Financiële instellingen zijn namelijk verplicht om verdachte transacties te melden.
Dat gebeurt op basis van regels tegen witwassen en fraude.
Wanneer zo’n melding wordt gedaan, kan de Belastingdienst vervolgens controleren of de transacties overeenkomen met de gegevens in de belastingaangifte.

Kleine bedragen meestal geen probleem
Voor de meeste Nederlanders is er echter weinig reden tot zorgen.
Zolang het om kleine bedragen gaat en je eerlijk bent in je aangifte, levert contant geld zelden problemen op.
Toch is het verstandig om te weten welke regels gelden. Zeker wanneer je een groter bedrag contant in huis hebt.
Door het correct op te geven bij je belastingaangifte voorkom je later vragen of mogelijke problemen met de fiscus.










