De btw op overnachtingen in hotels, vakantieparken en andere verblijfsaccommodaties gaat per 1 januari 2026 fors omhoog. Het lage tarief van 9 procent verdwijnt en maakt plaats voor het hoge btw-tarief van 21 procent. Dat betekent een flinke prijsstijging voor iedereen die in Nederland wil overnachten, of dat nu voor een weekendje weg, een vakantie of een zakelijke reis is. De maatregel maakt deel uit van bredere belastingplannen van het kabinet om extra inkomsten te genereren.

De aankondiging zorgt nu al voor onrust in de toeristische sector. Ondernemers waarschuwen dat vakanties in eigen land hierdoor aanzienlijk duurder worden en vrezen dat gasten zullen uitwijken naar het buitenland. Brancheorganisaties spreken van een “gevoelige klap” voor hotels, vakantieparken, campings en bed & breakfasts, die zich juist na moeilijke jaren proberen te herstellen.
Wat verandert er precies?
Op dit moment geldt voor overnachtingen in Nederland het lage btw-tarief van 9 procent. Dat tarief geldt ook voor andere basisvoorzieningen zoals levensmiddelen en boeken. Vanaf 1 januari 2026 valt logies echter onder het hoge tarief van 21 procent. Dat betekent een stijging van 12 procentpunten, wat direct wordt doorberekend in de prijs die consumenten betalen.
Concreet betekent dit dat een hotelkamer van 100 euro exclusief btw nu 109 euro kost, maar straks 121 euro zal kosten. Bij meerdere nachten of bij gezinsvakanties kan dat verschil flink oplopen. Vooral vakantieparken, waar gezinnen vaak een week of langer verblijven, verwachten dat gasten deze verhoging duidelijk in hun portemonnee gaan voelen.
Waarom kiest het kabinet voor deze maatregel?
Volgens het kabinet is de btw-verhoging onderdeel van een breder pakket aan maatregelen om de overheidsfinanciën op orde te houden. Er is extra geld nodig voor onder meer zorg, defensie en klimaatbeleid. Daarbij wordt gekeken naar sectoren waar volgens beleidsmakers nog ruimte is om meer belasting te heffen.
In de toelichting wordt gesteld dat Nederland met het lage btw-tarief op overnachtingen relatief gunstig afsteekt ten opzichte van sommige andere Europese landen. Door het tarief te verhogen naar 21 procent zou het belastingstelsel eenvoudiger worden en meer opleveren voor de schatkist.
Critici wijzen er echter op dat veel Europese landen juist een lager tarief hanteren om toerisme te stimuleren. In landen als Duitsland, België en Frankrijk ligt de btw op overnachtingen aanzienlijk lager dan 21 procent. Volgens tegenstanders zet Nederland zichzelf daarmee op achterstand.

Grote zorgen in de toeristische sector
De reacties vanuit de sector laten weinig aan duidelijkheid te wensen over. Hotels, vakantieparken en recreatieondernemers spreken van een “ongewenste en schadelijke maatregel”. Zij vrezen dat vooral binnenlandse vakantiegangers hun plannen zullen aanpassen of vaker kiezen voor een verblijf net over de grens.
Ondernemers wijzen erop dat de marges in de sector vaak al onder druk staan door stijgende personeelskosten, hogere energieprijzen en duurdere inkoop. De btw-verhoging komt daar bovenop. Veel bedrijven zien zich daardoor genoodzaakt de prijzen te verhogen, terwijl ze die ruimte eigenlijk niet hebben.
Volgens brancheorganisaties raakt de maatregel niet alleen ondernemers, maar ook werknemers. Minder boekingen kunnen leiden tot minder werk, vooral in regio’s waar toerisme een belangrijke economische pijler is.
Gevolgen voor vakantieparken en campings
Met name vakantieparken vrezen grote gevolgen. Zij richten zich vaak op gezinnen en langere verblijven, waarbij prijs een doorslaggevende factor is. Een verhoging van tientallen of zelfs honderden euro’s per verblijf kan ervoor zorgen dat gasten afhaken.
Campings en bungalowparken wijzen erop dat zij juist de afgelopen jaren veel hebben geïnvesteerd in verduurzaming, kwaliteit en comfort. Die investeringen zijn vaak gedaan met het idee dat het lage btw-tarief zou blijven bestaan. De plotselinge verhoging zet die plannen onder druk.
Ook kleinere aanbieders, zoals bed & breakfasts en particuliere verhuurders, maken zich zorgen. Zij hebben vaak minder financiële buffers en zijn extra gevoelig voor veranderingen in regelgeving.
Wat betekent dit voor consumenten?
Voor consumenten betekent de maatregel simpelweg: vakanties in eigen land worden duurder. Vooral gezinnen die meerdere nachten boeken, zullen dat merken. Ook zakelijke reizigers kunnen te maken krijgen met hogere kosten, die uiteindelijk mogelijk worden doorberekend aan werkgevers of klanten.
Voor sommige mensen kan dit reden zijn om korter op vakantie te gaan of helemaal af te zien van een verblijf in Nederland. Anderen zullen uitwijken naar buitenlandse bestemmingen waar de prijzen gunstiger blijven.
Tegelijkertijd waarschuwen deskundigen dat de maatregel juist haaks staat op het beleid om duurzaam reizen te stimuleren. Vakantie in eigen land wordt vaak gezien als milieuvriendelijker dan vliegen, maar wordt met deze belastingverhoging minder aantrekkelijk gemaakt.
Kritiek vanuit politiek en belangenorganisaties
Ook vanuit de politiek klinkt kritiek. Verschillende partijen vinden dat het kabinet hiermee de verkeerde keuze maakt. Zij wijzen erop dat toerisme een belangrijke economische motor is en dat de sector nog altijd herstelt van eerdere crises.
Belangenorganisaties roepen het kabinet op om de maatregel te heroverwegen of op zijn minst uitzonderingen te maken. Zo wordt gedacht aan een lager tarief voor campings, kleine accommodaties of langere verblijven. Ook pleiten sommigen voor een gefaseerde invoering, zodat ondernemers zich beter kunnen aanpassen.
Tot nu toe lijkt het kabinet echter vast te houden aan de plannen, al wordt niet uitgesloten dat er in de komende periode nog wordt gesleuteld aan de precieze invulling.

Mogelijke gevolgen op langere termijn
Als de btw-verhoging daadwerkelijk doorgaat, kan dit structurele gevolgen hebben voor de Nederlandse toerismesector. Minder binnenlandse boekingen kunnen leiden tot lagere bezettingsgraden, minder investeringen en uiteindelijk verlies van banen.
Tegelijkertijd kan de concurrentiepositie van Nederland verslechteren ten opzichte van buurlanden. Vooral regio’s dicht bij de grens vrezen dat vakantiegangers simpelweg een paar kilometer verder rijden om goedkoper te overnachten.
Aan de andere kant wijzen sommige economen erop dat de vraag naar vakanties relatief stabiel is. Mensen blijven reizen, al maken ze andere keuzes. Of dat ook betekent dat de impact beperkt blijft, zal pas blijken na invoering van de maatregel.
Ondernemers bereiden zich voor
Veel ondernemers zijn zich inmiddels aan het voorbereiden op 2026. Sommigen kijken naar manieren om kosten te besparen, anderen overwegen prijsstrategieën aan te passen of extra services aan te bieden om aantrekkelijk te blijven. Ook wordt gekeken naar arrangementen en samenwerkingen om de pijn voor gasten te verzachten.
Tegelijkertijd hopen veel ondernemers dat er nog politieke beweging komt. De komende periode zal duidelijk worden of de btw-verhoging in deze vorm definitief wordt of dat er alsnog aanpassingen volgen.
Conclusie
De verhoging van de btw op overnachtingen van 9 naar 21 procent is een ingrijpende maatregel met grote gevolgen voor zowel consumenten als ondernemers. Waar het kabinet spreekt over noodzakelijke belastinginkomsten, waarschuwt de sector voor hogere prijzen, minder boekingen en verlies aan concurrentiekracht.
Of de maatregel uiteindelijk ongewijzigd wordt ingevoerd, zal de komende tijd blijken. Eén ding is duidelijk: de discussie over betaalbaar vakantie vieren in eigen land is nog lang niet voorbij, en 2026 lijkt nu al een kantelpunt te worden voor de Nederlandse toerismesector.









