Kokosgarnalen met zoete chili-mayonaise zijn zo’n gerecht dat meteen een glimlach oproept. Het combineert alles wat je zoekt in een perfecte snack of maaltijd: knapperig, sappig, licht zoet en nét een beetje pittig. Dit is het soort gerecht dat je vaak in strandrestaurants of hippe bistro’s tegenkomt, maar dat je verrassend makkelijk zelf thuis kunt maken.

Wat deze kokosgarnalen zo geliefd maakt, is de eenvoud van de ingrediënten en het grote smaakresultaat. Je hebt geen ingewikkelde technieken nodig, alleen wat aandacht voor detail. Met de juiste temperatuur, een goede paneerlaag en een romige saus zet je een gerecht op tafel dat niet onderdoet voor een restaurantversie.
Ingrediënten
Voor de kokosgarnalen
- 450 gram grote rauwe garnalen, gepeld en schoongemaakt
- 1 beker bloem
- 1 theelepel zout
- ½ theelepel zwarte peper
- ½ theelepel knoflookpoeder
- ¼ theelepel paprikapoeder
- 2 grote eieren, losgeklopt
- 2 bekers gezoete geraspte kokos
- Plantaardige olie om in te frituren
Voor de zoete chili-mayonaise
- 4 eetlepels mayonaise
- 3 eetlepels zoete chilisaus
- 1 theelepel vers limoensap
Om te serveren
- Limoenpartjes (optioneel)
Voorbereiding van de garnalen
Begin met het goed schoonmaken van de garnalen. Verwijder het darmkanaal en spoel ze kort af onder koud water. Dep ze daarna zorgvuldig droog met keukenpapier. Dit is belangrijk, omdat overtollig vocht ervoor zorgt dat de paneerlaag minder goed blijft zitten.
Meng in een diepe schaal de bloem met zout, peper, knoflookpoeder en paprikapoeder. In een tweede schaal klop je de eieren los. Doe de geraspte kokos in een derde schaal. Zo creëer je een overzichtelijke paneerstraat die het werk een stuk makkelijker maakt.
Haal elke garnaal eerst door het bloemmengsel, zorg dat hij volledig bedekt is en klop overtollige bloem eraf. Vervolgens haal je de garnaal door het ei en daarna door de kokos. Druk de kokos lichtjes aan zodat deze goed blijft plakken. Leg de gepaneerde garnalen op een bord of bakplaat.

Frituren tot perfect goudbruin
Verhit een ruime pan met plantaardige olie tot ongeveer 175 graden. Als je geen thermometer hebt, kun je testen door een klein stukje kokos in de olie te laten vallen. Gaat het direct bruisen, dan is de olie heet genoeg.
Bak de garnalen in kleine porties zodat de olie op temperatuur blijft. Na ongeveer twee tot drie minuten zijn ze goudbruin en knapperig. Haal ze met een schuimspaan uit de olie en laat uitlekken op keukenpapier. Herhaal dit tot alle garnalen zijn gebakken.
De zoete chili-mayonaise
Terwijl de garnalen uitlekken, maak je de saus. Meng de mayonaise met de zoete chilisaus en het limoensap in een schaaltje. Roer tot een gladde, romige saus. Proef en pas eventueel aan door wat extra chili toe te voegen voor meer pit of wat extra limoensap voor frisheid.
Deze saus vormt de perfecte tegenhanger van de knapperige garnalen. De romigheid verzacht de crunch, terwijl de zoete en licht pittige smaken de kokos en garnalen versterken.
Serveren en variaties
Serveer de kokosgarnalen warm, direct na het bakken. Leg ze op een grote schaal en serveer de saus ernaast of drizzle er lichtjes wat overheen. Voeg limoenpartjes toe voor wie van extra fris houdt.
Deze kokosgarnalen zijn heerlijk als borrelhapje, maar doen het ook uitstekend als hoofdgerecht met een frisse salade of wat rijst erbij. Voor een tropische twist kun je ze combineren met mango, ananas of een frisse komkommersalade.
Wil je variëren, dan kun je ongezoete kokos gebruiken voor een minder zoet resultaat, of de kokos mengen met panko voor extra crunch. Ook kun je de garnalen in de airfryer bereiden, al wordt de korst dan iets minder knapperig dan bij frituren.
Zo serveer je kokosgarnalen extra lekker
De manier waarop je deze kokosgarnalen serveert, maakt het gerecht helemaal af. Leg de warme garnalen op een grote schaal of houten plank en zorg dat ze niet op elkaar gestapeld liggen, zodat de krokante korst mooi blijft. Zet de zoete chili-mayonaise in een apart schaaltje in het midden, zodat iedereen makkelijk kan dippen.
Voor een frisse tegenhanger kun je partjes limoen of citroen toevoegen. Een klein kneepje sap vlak voor het eten haalt de smaken extra naar boven en zorgt voor een perfecte balans tussen zoet en fris. Ook wat fijngehakte koriander of peterselie over de garnalen geeft niet alleen extra smaak, maar ziet er ook aantrekkelijk uit.

Wil je er een volwaardige maaltijd van maken, dan passen deze kokosgarnalen uitstekend bij pandanrijst, kokosrijst of een frisse Aziatische salade met komkommer, mango en rode ui. Als borrelhapje doen ze het juist weer heel goed met andere kleine gerechtjes, zoals loempia’s of satéstokjes.
Serveer de garnalen altijd direct na het bakken. Dan zijn ze op hun knapperigst en komt de combinatie van warme garnaal en romige saus het best tot zijn recht. Eén ding is zeker: of je ze nu serveert als snack, voorgerecht of hoofdgerecht, deze kokosgarnalen verdwijnen razendsnel van tafe
Waarom dit recept altijd werkt
De kracht van dit gerecht zit in de balans. De garnalen blijven sappig, de kokos zorgt voor een knapperige en lichtzoete buitenkant en de saus brengt alles samen. Het is comfortfood met een luxe uitstraling, geschikt voor feestjes maar ook perfect voor een doordeweekse verwenmaaltijd.
Eenmaal gemaakt, wil je dit recept blijven herhalen. Het is simpel, indrukwekkend en vooral ontzettend lekker. Kokosgarnalen met zoete chili-mayonaise zijn het bewijs dat je met weinig ingrediënten en een goede aanpak iets bijzonders kunt maken.










